ICAF

TERUGBLIK
INTERNATIONAL COMMUNITY ARTS FESTIVAL 2008

Intussen is de natte Hollandse zomer al weer in een even natte herfst veranderd en ligt ook het 4e Internationale Community Arts Festival al weer bijna een half jaar achter ons. De zoete nasmaak is er echter niet minder om. Momenteel zijn Peter, Anamaria en Eugene druk bezig met het festivalverslag en komen allerlei fijne herinneringen weer regelmatig naar boven. Maar ook de harde realiteit van community art in minder veilige niet-westerse omgevingen. Zo schreef Jack Yabut van PETA ons een paar weken geleden met het ontnuchterende nieuws dat hun gebouw in de nacht van zondag 3 op maandag 4 augustus met een granaatwerper was bestookt. Waarschijnlijk het werk van een extreemrechtse paramilitaire groep die het vooruitstrevende werk van Jack's collega's letterlijk wilden ondermijnen. Zo gaat dat daar, terwijl wij ons in Nederland vooral zorgen maken over meer of minder subsidie.


Ondertussen gaan de vruchtbare internationale connecties die ICAF al sinds jaar en dag mede veroorzaakt gewoon door: Rosalba Rolón en Desmar Guevara van Pregones uit de Newyorkse Bronx werken de komende weken met Theater Sering aan een nieuwe productie in de Antwerpse wijk Borgerhout; Iván Iparraguirre treedt met zijn Teatro Pasmi op diverse plaatsen in België op en geeft op 27 oktober een workshop in Utrecht; de Nederlandse studente Maria Wolters loopt stage in de Filippijnen; Noel Cabangon, de Filipijnse folkzanger die ‘Infanta' muzikaal begeleidde, komt half oktober voor een serie concerten naar ons land; Eugene is uitgenodigd voor een symposium van het East Midlands Participatory Arts Forum in Leicester (dat ook op het festival vertegenwoordigd was); en Petra Kuppers, die wegens tragische familie-omstandigheden niet aan ICAF 2008 mee kon doen, heeft toch een inspirerende schriftelijke bijdrage aan het slotdebat geleverd, zodat ze er toch een beetje bij was. En zo kiemen de zaadjes maar door. Hopelijk zullen ze ieder in hun eigen omgeving tot volwaardige plantjes groeien, die bij het volgende festival in 2011 weer tot wasdom zullen zijn gekomen.

Wat dat allemaal voor interessants kan opleveren, heeft ons vierde festival weer duidelijk gemaakt. Daarom willen we jullie alvast wat herinneringen aan ICAF 2008 in woord en beeld voorschotelen.

 

Allereerst was daar natuurlijk de spetterende openingsvoorstelling Hand in Hand, die met een zaal vol media, voetbalsterren en festivalgangers tot een waar evenement uitgroeide. Het haalde zelfs het NOS journaal.


Ook de Morning After Salons, waarin deelnemers en makers van projecten die op het festival te zien waren aan het woord kwamen, bleken weer een geanimeerd begin van iedere festivaldag. Ook bleek er veel belangstelling voor een nieuw programma-onderdeel: de vroege ochtend workshop over ‘Community Arts en Kunstkritiek' die speciaal was opgezet voor de studenten Theaterwetenschap, maar waarvoor eigenlijk heel veel andere mensen belangstelling hadden. Dat idee nemen we mee naar ICAF 2011, evenals een eventuele herstructurering van het workshopaanbod in de vroege middag. Deelnemers gaven namelijk te kennen dat ze het jammer vonden dat ze maar één workshop konden volgen, terwijl er voor hen meer interessante workshops tegelijk plaatsvonden. We overwegen nu het aantal workshops te beperken en bepaalde onderdelen op andere dagen te herhalen.

 

Op donderdag bestond het workshopaanbod uit beeldende kunst met Tonny van Sommeren, Kamiel Verschuren en Alan May; community dans met Nita Liem van Don't Hit Mama, die Petra Kuppers uit de VS meer dan waardig verving; ethiek in community arts door de uit Montreal afkomstige Devora Neumark, die zich door het festival heen als een prettig kritische aanwezigheid ontpopte; een interactieve theater workshop met de acteurs van Problem Solving Theatre uit Durban, Zuid Afrika; een workshop over community film met 3 verschillende filmkunstenaars: Sanne Sprenger, Kaat Zoontjens en Sarhan Hacene; en een workshop verzorgd door Bregamos Community Theatre uit New Haven, Connecticut, die over het maakproces van hun hiphop musical Kingdom ging.


Daarna volgde de eerste ronde late middagpresentaties met Sami Gathii's Our Queen Must Dance Naked (Kenia/Nederland); Heart and Sole (een showcase van in Liverpool lopende community dramaprojecten door tweede jaarsstudenten van het Liverpool Institute of Performing Arts; en Nadia, de allereerste dansvoorstelling van het Rotterdams Wijktheater.

 

Het donderdagavondprogramma begon met het muzikale The No Ones door het ACTA community theater uit Bristol (Engeland) en werd afgesloten in de grote zaal met het ontroerende Infanta, een Filipijnse voorstelling over een desastreuze modderlawine die een complete stad verwoeste. Als altijd konden de festivalbezoekers daarna hun emoties wegspoelen en dansen op het Laste Night podium in het café van Theater Zuidplein.

 

Op vrijdag bestond het workshop aanbod uit: een presentatie van het werk van teatro Pasmi in Santiago, Chili; het maakproces van de RWT-productie Undercover; het maakproces van de Stut-voorstelling Familie å la Turca; een muzikale-theatrale improvisatie workshop door Rosalba Rolón en Desmar Guevara van Pregones Theatre uit de Bronx; ‘Making It Real' over de werkwijze van ACTA Community Theatre in Bristol, door Neil Beddow; en een community muziekworkshop verzorgd door Ivo van der Borght van theatergroep Sering uit Antwerpen.

 

De middagpresentaties waren: Kruik, een voor Zuid-Afrika ontwikkelde voorstelling van jeugdtheatergroep Waterhuis; Journey to Xibalba, een voorstelling gebaseerd op een Maya scheppingsverhaal door de latino groep Teatro de la Realidad uit Los Angeles, die oplocatie in de toneelwinkel van BAF in Pendrecht werd gespeeld; en Home and Away, een forumtheatervoorstelling van Formaat Werkplaats voor Participatief Drama. ‘s Avonds was eerst de bewegingstheatervoorstelling Jemand Da door een enthousiaste multiculturele jongerengroep van Cactus uit Münster (Duitsland) te zien en daarna de indrukwekkende Zuidafrikaanse show Boomgate en Horseshoe van PST uit Durban. Het Late Night Podium was deze avond een swingende latin jamsessie met muzikanten uit Los Angeles, New Haven, the Bronx, Madrid en Nederland.


Het workshopaanbod van zaterdag bestond uit een Engels-Nederlandse uitwisseling over community muziek met Lee Higgins uit Liverpool en Carlo Balemans van Codarts; een sessie over circus als community art; een interactieve ontmoeting met Ernie Cloma en Jack Yabut, over hun werkwijze in de Filipijnen; een presentatie over community film in België door beeldend kunstenares/cineaste Els Dietvorst; een workshop over het maakproces van Cactus jeugdtheater uit Duitsland; en een uiteenzetting over het Boerenerfgoedproject in Limburg over uitstervende boerengemeenschappen.

 

De middagpresentaties bestonden uit: Reflux door de Unie der Zorgelozen uit Kortrijk (België), De Pendrechtdialogen, op locatie gespeeld in de Rotterdamse wijk Pendrecht door BAF, en een community televisie experiment verzorgd door het Liverpoolse Tenantspin in verzorgingstehuis Simeon en Anna. ‘s Avonds stonden het Turkse familiedrama Familie åa la Turca uit Overvecht, Utrecht en de hiphopmusical Kingdom (over het geweld van jeugdbendes in New Haven, Connecticut) op het programma.

 

De meningen over de kwaliteit van dit zeer diverse programma liepen nogal uiteen en soms waren er zelfs heftige reacties in de wandelgangen van Theater Zuidplein te horen. Maar tussen de bedrijven door en vooral tijdens de goedverzorgde maaltijden vonden er vele vruchtbare ontmoetingen plaats, die dit intieme festival juist zo bijzonder maken. De op- en aanmerkingen over programma-onderdelen konden worden geuit in het zeer geanimeerde slotdebat dat op de vroege zondagmiddag plaatsvond en dat straks woord voor woord kan worden terug gelezen in ons festivalverslag. Dat boek zal op 3 april 2009 worden gepresenteerd, omlijst door een mini-ICAF van één dag. Het volledige programma van dit nieuwe evenement kunt u binnenkort ook op deze site tegemoet zien.


■ Slotdebat
Het slotdebat was dé plek bij uitstek om de discussie over kwaliteit te voren. Het slotdebat vond plaats op de laatste festivaldag en vormde de afsluiting van het symposium. Onder leiding van Eugène van Erven werd, aan de hand van stellingen uit bestaande onderzoeken en literatuur, gediscussieerd over het thema kwaliteit en met name wat de criteria zijn die je bij het beoordelen van kwaliteit bij Community Arts zou moeten hanteren. De zaal, die bestond uit de deelnemers aan het festival en symposium, kreeg volop gelegenheid tot reageren en discussiëren. In het boekverslag dat de komende maanden wordt afgerond en gedrukt, staat een uitgebreid verslag van dit debat.